Nieuws 15 juni 2026
Mensenhandel zichtbaar maken, begint met leren kijken
Mensenhandel is vaak onzichtbaar. Juist daardoor blijft het lastig te herkennen én aan te pakken. Als portefeuillehouder mensenhandel binnen Twente ziet burgemeester Ellen Nauta hoe belangrijk het is dat professionals, bestuurders én inwoners signalen leren herkennen. Over het belang van samenwerken, bestuurlijke moed en waarom wegkijken geen optie is.
Alert zijn kan al het verschil maken
Een handhaver loopt een erf op voor een reguliere controle. Geen melding. Geen concrete verdenking. Op papier lijkt er weinig aan de hand. Toch knaagt er iets. Er klopt iets niet.
Voor Ellen Nauta, burgemeester van Hof van Twente, zijn dat precies de momenten waarop het verschil kan worden gemaakt. Niet omdat er direct bewijs ligt. Niet omdat iemand precies weet wat er speelt. Maar omdat iemand alert genoeg is om een signaal serieus te nemen.
Juist bij mensenhandel kan een ogenschijnlijk klein signaal het verschil maken.
In de afgelopen jaren ziet Ellen Nauta de aandacht voor dit maatschappelijke probleem groeien. Toch blijft één uitdaging onverminderd groot: veel van wat er gebeurt, blijft verborgen.
Wat je niet ziet, kun je niet aanpakken
Veel mensen denken bij mensenhandel nog steeds aan situaties ver weg. Aan mensensmokkelaars, verre landen of aangrijpende beelden uit het nieuws. Maar volgens Nauta is de werkelijkheid veel dichterbij.
“Het gebeurt gewoon hier. Alleen zien we het vaak niet.”
Dat heeft alles te maken met de verborgenheid van het probleem. Slachtoffers blijven vaak buiten beeld. Uit schaamte, angst of afhankelijkheid vertellen zij niet wat er gebeurt.
“Ik zal nooit een interview vergeten met een slachtoffer van mensenhandel. Iemand die vertelde hoeveel schaamte er was geweest voordat ze haar verhaal durfde te delen.”
Juist daardoor is mensenhandel moeilijk zichtbaar. Niet alleen voor burgers, maar soms ook voor professionals.
“We leven in een samenleving waarin veel mensen vooral met hun eigen leven bezig zijn. We denken al snel: iemand anders zal er wel naar kijken. Of: het zal wel meevallen.”
Maar daarmee verdwijnen signalen soms uit beeld voordat iemand er iets mee doet.
Een onderbuikgevoel is soms het begin
De afgelopen jaren zag Nauta wel een belangrijke verandering. Waar signaleren vroeger vaak afhankelijk was van een enkele professional, ontstaat steeds vaker een netwerk van mensen die leren kijken.
Dat kan een hulpverlener zijn. Een politieagent. Een medewerker aan de balie van een gemeente. Maar ook een handhaver die ergens komt en denkt: hier klopt iets niet.
“Organisaties werken nu veel meer samen”
“Vroeger zag een professional iets en stond daar soms alleen in. Nu werken organisaties veel meer samen.”
Ze noemt het voorbeeld van medewerkers die opvallende situaties signaleren bij inschrijvingen, toezichtsbezoeken of controles. Situaties die misschien niet direct strafbaar lijken, maar wel vragen oproepen.
“Dan begint het gesprek. Wat zien we hier? Wat weten anderen? Moeten we hier iets mee?”
Volgens haar is dat misschien wel één van de belangrijkste lessen van de afgelopen jaren: je hoeft niet alles zeker te weten voordat je een vraag stelt.
Soms begint het simpelweg met goed kijken naar wat je ziet – en durven benoemen wat je opvalt.
Dat geldt niet alleen voor professionals. Ook burgers kunnen een rol spelen. Niet door zelf onderzoek te doen of conclusies te trekken, maar door alert te zijn op signalen en die bespreekbaar te maken.
Niemand kan dit alleen
Mensenhandel aanpakken vraagt volgens Nauta om iets wat groter is dan één organisatie of één professional.
“Een professional is eigenlijk een spin in het web. Maar er zit een heel web omheen.”
Gemeenten, politie, zorgorganisaties, het Openbaar Ministerie, toezichthouders en hulpverleners hebben elkaar nodig om het volledige beeld te krijgen. Geen enkele organisatie beschikt over alle informatie. Geen enkele organisatie kan het alleen oplossen.
Daarom is samenwerking volgens haar essentieel. Maar samenwerking ontstaat niet vanzelf.
“Je hebt bestuurders nodig die hun nek durven uit te steken en die durven te zeggen: dit vinden wij belangrijk.”
Mensenhandel verdient dezelfde aandacht als andere vormen van criminaliteit
Dat betekent ook investeren in kennis, samenwerking en meer aandacht voor het herkennen van mensenhandel. Volgens Nauta verdient mensenhandel daarin dezelfde aandacht als andere vormen van criminaliteit.
“Mensenhandel hoort in hetzelfde rijtje thuis als ondermijning, cybercriminaliteit en andere vormen van criminaliteit die de veiligheid van mensen in gevaar brengen. Persoonlijk vind ik het misschien wel de meest ingrijpende vorm.”
Vooral omdat het zo vaak gaat om mensen die al kwetsbaar zijn.
“Te vaak hoor ik verhalen over mensen die zich moeilijk kunnen verdedigen, afhankelijk zijn van anderen of al in een kwetsbare positie zaten. Juist zij worden slachtoffer.”
Juist daarom vraagt deze aanpak volgens haar om een lange adem.
“Je mag niet bij de pakken neerzitten. Dat is nooit een optie.”
We hebben allemaal een verantwoordelijkheid
Volgens Nauta begint het zichtbaar maken van mensenhandel niet alleen bij professionals, bestuurders of organisaties. Het begint bij een gedeeld besef dat dit probleem ons allemaal aangaat.
“Als mensen weten waar ze op kunnen letten en het gevoel hebben dat ze iets kunnen doen, dan wordt het een gedeelde verantwoordelijkheid.”
Juist daarin ziet zij één van de belangrijkste uitdagingen voor de komende jaren. Niet alleen blijven investeren in samenwerking en kennis, maar ook in het meer onder de aandacht brengen van dit probleem. Zodat signalen eerder worden herkend, slachtoffers sneller in beeld komen en mensenhandel minder verborgen blijft.
Mensenhandel zichtbaar maken begint volgens haar niet bij beleid of systemen, maar bij mensen die bereid zijn om te kijken. Om vragen te stellen. En om signalen serieus te nemen.
“Wegkijken kan niet. We weten inmiddels te veel.”