Nieuws 14 juli 2026
“We gaan mensenhandel niet oplossen. Maar ieder slachtoffer dat we bereiken, is winst.”
Mensenhandel. Voor veel mensen is het een woord dat hoort bij nieuwsberichten uit de Randstad, grote politieonderzoeken of verhalen die zich ver van huis afspelen. Niet iets wat gebeurt in je eigen straat, op de school van je kind of bij de sportvereniging om de hoek. Toch is dat precies wat de medewerkers van het Kenniscentrum Mensenhandel Twente dagelijks zien.
Gijs Jansen, Karien Bruns en Pascale van Leeuwen zetten zich vanuit het regionale kenniscentrum in voor de aanpak van mensenhandel in Twente. Ze ondersteunen slachtoffers, adviseren professionals en helpen organisaties signalen van mensenhandel eerder te herkennen.
“Is het echt zo groot?”
“Toen ik hier als Procesmanager begon, dacht ik ook nog wel eens: kan dit echt waar zijn? Is het echt zo groot?” vertelt Gijs. “Maar hoe langer je ermee werkt, hoe meer je ziet. Dan kom je erachter dat het overal voorkomt.”
Het Kenniscentrum Mensenhandel Twente werd vijf jaar geleden opgericht door de veertien Twentse gemeenten. In plaats van ieder afzonderlijk beleid en expertise op te bouwen, werd gekozen voor één gezamenlijk kenniscentrum. Een plek waar kennis wordt gedeeld, professionals ondersteuning krijgen en slachtoffers de weg naar hulp kunnen vinden.
Mensenhandel ziet er vaak anders uit dan je denkt
Wie aan mensenhandel denkt, denkt vaak aan gedwongen prostitutie of mensensmokkel. Maar de werkelijkheid is veel breder.
Karien Bruns is Zorgcoördinator en spreekt in haar werk slachtoffers van seksuele uitbuiting, arbeidsuitbuiting en criminele uitbuiting. Jongeren die worden ingezet voor drugshandel. Mensen die onder druk worden gezet om hun bankrekening beschikbaar te stellen. Kwetsbare personen die worden gebruikt voor activiteiten waar ze zelf nauwelijks grip op hebben.
Het zijn verhalen die vaak beginnen met iets ogenschijnlijk onschuldigs. Aandacht. Erkenning. Een gevoel van erbij horen. Of iets dat gratis lijkt. “Gratis drugs bestaan niet”, zegt Karien. “Dat zeggen we vaak. Daar begint het soms al.”
Wat haar zorgen baart, is dat deze processen steeds vroeger beginnen. Tijdens voorlichtingen horen zij verhalen die laten zien hoe normaal bepaalde dingen voor jongeren inmiddels zijn geworden.
Iedereen ziet iets, niemand ziet alles
Volgens Procesmanager Pascale ligt daar misschien wel een van de grootste uitdagingen.
Mensenhandel is zelden één groot signaal dat onmiddellijk alle alarmbellen laat afgaan. Veel vaker bestaat het uit kleine stukjes informatie die verspreid zijn over verschillende mensen en organisaties.
Een docent merkt dat een leerling verandert. Een buurvrouw voelt dat er iets niet klopt. Een hulpverlener hoort een verhaal dat vragen oproept. Een medewerker van een gemeente ziet gedrag dat afwijkt.
Kleine observaties kunnen samen een patroon vormen
Los van elkaar lijken het kleine observaties. Samen kunnen ze een patroon vormen. “Mensenhandel is een puzzel”, zegt Gijs. “Iedereen heeft een stukje.”
Vanuit het Kenniscentrum Mensenhandel Twente werken zij dagelijks samen met onder andere gemeenten, politie, scholen, zorginstellingen, woningcorporaties, Veilig Thuis en justitie. Alleen door signalen en informatie met elkaar te verbinden ontstaat een volledig beeld.
“Je gaat mensenhandel niet aanpakken als iedereen op zijn eigen eiland blijft werken”, zegt Karien. “Dat lukt gewoon niet.”
Die samenwerking wordt volgens hen steeds beter. Scholen weten het kenniscentrum beter te vinden. Gemeenten investeren meer in kennis. Professionals durven vaker te overleggen als ze twijfelen.
Achter elk dossier zit een mens
Voor Karien draait het werk uiteindelijk niet om systemen of beleid, maar om mensen. Om de slachtoffers die zij spreekt. Om de verhalen die zij hoort. Om de twijfel, angst en afhankelijkheid die vaak achter een dossier schuilgaan.
Heel soms melden slachtoffers zichzelf. Vaker is dat niet het geval. “Sommige mensen zijn nog helemaal niet klaar om hulp aan te nemen”, vertelt ze. “Dan kun je alleen zorgen dat ze weten dat je er bent.”
Dat vraagt geduld. En vertrouwen.
Want slachtoffers erkennen zichzelf lang niet altijd als slachtoffer. Sommigen wijzen hulp af. Anderen verdwijnen uit beeld. Er zijn mensen die maanden of zelfs jaren later pas opnieuw contact opnemen. “Dan ben je vooral blij dat iemand je nog weet te vinden.”
Juist die momenten maken zichtbaar waarom dit werk meer vraagt dan alleen kennis van wet- en regelgeving. Het vraagt ook de bereidheid om naast iemand te blijven staan, zelfs als die persoon daar op dat moment nog niet voor openstaat.
Een opgave die nooit af is
Wie dagelijks met mensenhandel bezig is, leert al snel dat er geen eindpunt bestaat.
Nieuwe vormen van uitbuiting dienen zich voortdurend aan. Criminelen passen hun werkwijzen aan. Jongeren worden via nieuwe platforms benaderd. Wat vandaag werkt, kan morgen alweer achterhaald zijn.
Volgens Pascale zou het een utopie zijn om te denken dat dit probleem ooit volledig zal verdwijnen. Niet omdat de inzet ontbreekt, maar omdat het gaat om een complex maatschappelijk vraagstuk dat voortdurende aandacht vraagt.
Er is altijd een nieuwe generatie jongeren. Er zijn altijd nieuwe kwetsbaarheden. Er zijn altijd mensen die misbruik maken van anderen. Dat klinkt misschien ontmoedigend, maar voor het team van het Kenniscentrum Mensenhandel Twente is het juist een reden om door te gaan.
Omdat iedere situatie waarin iemand wél wordt gezien ertoe doet. Iedere melding. Iedere training. Iedere professional die een signaal herkent. Iedere jongere die op tijd hulp krijgt.
Waarom kleine overwinningen tellen
Na vijf jaar kijken Gijs, Karien en Pascale realistisch naar hun werk. Ze weten dat mensenhandel niet verdwijnt. Ze weten dat ze niet ieder slachtoffer zullen bereiken.
Maar ze weten ook wat het verschil kan betekenen als iemand op tijd de juiste hulp krijgt. Daarom meten ze succes niet alleen in cijfers of dossiers.
Succes zit ook in een slachtoffer dat eindelijk hulp accepteert. In een docent die besluit zijn zorgen te delen. In een professional die eerder aan de bel trekt. In een jongere die uit een netwerk weet te stappen.
“We gaan mensenhandel niet oplossen”, zegt Gijs. “Maar ieder slachtoffer dat we bereiken, is winst.”
Misschien is dat uiteindelijk ook de belangrijkste boodschap. Niet dat iedereen mensenhandel moet kunnen herkennen. Wel dat we alert blijven op signalen. Dat we vragen durven stellen. Dat we niet wachten tot we honderd procent zeker weten dat er iets mis is.
Twijfel je? Neem contact op
Tot slot hebben Gijs, Karien en Pascale nog één duidelijke boodschap: Blijf niet rondlopen met zorgen of twijfels.
Of je nu zelf slachtoffer bent, je zorgen maakt om iemand anders of als professional signalen opvangt die je niet goed kunt plaatsen: neem contact op met het Kenniscentrum Mensenhandel Twente. Je hoeft niet zeker te weten dat er sprake is van mensenhandel en je hoeft het probleem niet eerst zelf op te lossen. Juist bij twijfel denken zij graag mee. Soms blijkt er niets aan de hand. Soms blijkt een klein signaal onderdeel van een groter verhaal.
“Bel gewoon, daar zijn we voor.”
Iedereen mag contact opnemen. Dat geldt voor een bezorgde buurvrouw, een docent, een hulpverlener, een ouder of een slachtoffer zelf. Hoe eerder zorgen worden gedeeld, hoe groter de kans dat iemand de hulp krijgt die nodig is.
Mensenhandel gebeurt niet alleen ergens anders. Het gebeurt ook hier. En juist daarom kan één gesprek, één melding of één telefoontje al het verschil maken.
Contactgegevens:
https://mensenhandeltwente.nl/professionals/
088 – 256 76 65 | info@mensenhandeltwente.nl
Is er sprake van een acute situatie? Bel dan altijd 112.